Sportparken zijn van oudsher gesloten werelden. De poort gaat open voor de vereniging en dicht als de training klaar is. Terwijl de wijk eromheen soms hard toe is aan een plek om te bewegen, te ontmoeten en even bij te komen. Hoe verander je dat? En wie zorgt er dan dat de afdelingen die dat samen moeten doen, elkaar ook echt vinden?
Tekst: Laura Vliek
Bij de gemeente 's-Hertogenbosch is die rol voor Marcel van Mierlo. Hij zit tussen sport en stadsontwikkeling in, verbindt afdelingen die elkaar anders nooit zouden vinden en zorgt dat projecten die op papier te ingewikkeld lijken toch van de grond komen. Bij Sportpark Noord leidde dat tot een skills garden, een ‘multisportveld 1+1=3’ en jongerenwerk midden in de wijk. “Ik zit eigenlijk op de brug”, zegt hij. “Een deel fysiek, een deel sociaal. En precies daartussenin valt vaak het meeste te winnen.”
Tussen de afdelingen in
De functie die Van Mierlo vervult, is niet overal even vanzelfsprekend. Binnen veel gemeenten is de buitenruimte sterk gericht op beheer: wat er ligt, wordt één op één vervangen. Er wordt zelden aan de voorkant nagedacht over wat er eigenlijk nodig is, en voor wie. Van Mierlo doet dat wel. Als er ergens een nieuwbouwproject op de rol staat, schuift hij aan in de projectgroep, nog voordat de eerste paal de grond in gaat.
"Dan kun je al meedenken over hoe je de route naar school interessant maakt voor kinderen op de fiets. Zodat het niet aantrekkelijk is om met de auto te gaan. Dat zijn dingen die je aan de voorkant moet regelen, want als de bestrating eenmaal ligt, is het te laat."
Zijn vaste standplaats is de afdeling sport. Maar sport heeft van oudsher geen zeggenschap over de openbare ruimte, die valt onder stadsontwikkeling. En dat is precies de kloof die hij overbrugt. Door vroeg aan tafel te zitten, weet hij ruimte te reserveren voor spelen, bewegen en ontmoeten in gebieden die anders volledig worden ingericht vanuit andere belangen.
‘Binnen mijn rol verkeer ik eigenlijk op een brug. Een deel van mijn werk is fysiek, een deel sociaal. En precies daartussenin valt vaak het meeste te winnen’
Sportpark Noord: stapelen wat er al is
Sportpark Noord in 's-Hertogenbosch is een concreet voorbeeld van hoe die rol in de praktijk werkt. De aanleiding was een fusie van twee voetbalverenigingen. Door die fusie kwamen er kunstgrasvelden bij, en daardoor kwam er een groengrasveld vrij. De vraag was: wat doe je daarmee?
Vanuit de gemeente leefde al langer de visie om te werken aan zogenoemde sporthubs: beweeg- en ontmoetingslocaties rondom sportparken die voor iedereen toegankelijk zijn, niet alleen voor leden van een vereniging. Sportpark Noord werd de eerste pijler daarvan.
Van Mierlo was op dat moment nog wijkregisseur. “Ze vroegen me: ga eens even meekijken hoe we dit slim kunnen aanpakken. En toen hebben we de keuze gemaakt om de directievoering zelf te doen. Zo kun je op losse elementen de beste dingen bij elkaar brengen.”
Wat volgde was een zoektocht naar wie er intern belang bij had. Want budget was er aanvankelijk niet. “Dit zijn projecten waar aan de voorkant niet altijd investeringsbedragen aan vastzitten. Dan is de kunst om intern te kijken: wie heeft er belangen bij, en voor wie is het? En dan ga je stapelen.”
De wijk waar het park in ligt, is een focuswijk, een gebied waar beweegrichtlijnen laag liggen en bewoners extra aandacht verdienen. Dat gegeven maakte het makkelijker om afdelingen te vinden die hun programma's op dezelfde plek wilden inzetten. Sociale structuur, Samen Gezond, Sport, elk programma had een eigen budget en een eigen doel. Van Mierlo legde de verbindingen.
Stichting 1+1=3 uit de stad, die uitgaat van het idee dat samenwerkende partijen samen méér bereiken dan de som van hun afzonderlijke inspanningen, betaalde mee aan de aanleg van het multisportveld. Aanvankelijk wilden ze een Cruijff Court. Dat bleek niet haalbaar, maar de samenwerking bleef. “Die stichting zit gekoppeld aan grotere bedrijven, maar ze doen het gewoon uit het hart. Ze willen iets terugdoen voor de stad, en dan specifiek voor kansarmere jongeren. Dan koppel je ze aan de juiste afdeling, en ineens heb je een partner.”
Verbinden, niet beslissen
Wat Van Mierlo onderscheidt van een traditioneel projectleider of beleidsmedewerker, is niet zijn formele bevoegdheid, die heeft hij nauwelijks. Het is de manier waarop hij opereert. Hij luistert naar wat andere afdelingen nodig hebben, zoekt de overlap, en maakt van losse budgetten een gezamenlijke investering.
“Ik denk dat het te weinig gebeurt dat mensen verder kijken dan hun eigen afdeling. Kijk naar andere collega's. Wat doen die? Waar kun je op aanhaken? Waar kun jij ze versterken?”
Als er weerstand is gaat hij het gesprek aan. Niet om te overtuigen, maar om te begrijpen. “Ik hoor weleens: op dit vakgebied kan dat niet. En dan denk ik: waarom niet? Leg het uit. En als het echt niet kan, dan zoek ik wat er wel kan. Eigenlijk draai ik de bal altijd om.” Dat vraagt ook om aanwezigheid. Niet alleen aan vergadertafels, maar in de wijk zelf. "Je moet met je voeten in de klei gaan staan. Voelen wat er gebeurt. Met mensen praten."
‘Ik denk dat het te weinig gebeurt dat mensen verder kijken dan hun eigen afdeling’
Wat er nu staat
Sportpark Noord telt inmiddels een skills garden, een multisportveld, en jongerenwerk dat structureel aanwezig is. De hockeyvereniging geeft wekelijks gratis clinics aan basisschoolkinderen. De handbalvereniging doet hetzelfde. Scholen gebruiken beide velden. En wat vroeger een verlaten parkeerplaats was waar jongeren rondhingen, is nu een verlichte, levendige plek met genoeg verkeer om ook een veilig gevoel te geven.
Er zijn nog puntjes op de i. Een veiligere verbinding voor voetgangers en fietsers vanuit de wijk ontbreekt nog. En in ontwikkeling is nog een meetsysteem; via een Europese subsidie werken we met een sensor die de maatschappelijke opbrengst van de investering kwantificeert. “We zijn er nog niet helemaal klaar mee. Maar we hopen straks goede beeldvorming te hebben over wat die investering oplevert.”
Tips voor andere gemeenten
Voor gemeenten die iets vergelijkbaars willen opzetten, heeft Van Mierlo een helder vertrekpunt: begin met de vraag of je het sportpark wilt openstellen voor de wijk. “Veel sportparken zijn overdag gewoon open bij ons. De wijk mag voetballen op het veld. Dat klinkt simpel, maar het is een bewuste keuze die je moet maken.”
Daarna gaat het om intern netwerken. “Zorg dat je weet wie er in de organisatie bezig is met welk programma. Want je kunt pas naar buiten als je van binnen weet waar je kunt koppelen.” En vergeet de trein niet. “Je moet zorgen dat die blijft rijden. Het mag niet ophouden als jij er niet meer bent. Dus je moet het borgen, in activatie, in beheer, in afspraken, in structuur.”
Als er één ding is dat Sportpark Noord laat zien, is het dat grote ambities niet altijd grote budgetten nodig hebben, maar wel iemand die de verbindingen legt die anderen laten liggen. Van Mierlo zou dat zelf nooit zo zeggen. Maar zijn advies aan collega's bij andere gemeenten spreekt boekdelen: “Doorpakken en doen. En blijf zoeken naar wat er wél kan.”
Marcel van Mierlo is spreker en excursieleider tijdens de derde editie van MOVE24 op 8 oktober 2026 in de Maaspoort in Den Bosch.